Homepage van Marian en Hans

 

 

Ten Berge notarissen

Berg en Dalseweg 9

Postbus 1588

6501 BN Nijmegen

Tel. 024 – 322 82 77

Fax 024 – 322 85 12

TEKST van de statuten van de vereniging genaamd: Nederlandse Bijenhoudersvereniging, gevestigd te Wageningen.

De vereniging is opgericht bij akte, verleden voor Mr H.A.W.Megens, notaris gevestigd te Nijmegen, op 11 april 2006, in

welke akte de statuten voor de eerste maal werden vastgesteld.

STATUTEN

Naam en Zetel

Artikel 1

1. De vereniging draagt de naam: Nederlandse Bijenhoudersvereniging.

Zij kan zich bij verkorting noemen: NBV.

2. De vereniging heeft haar zetel in de gemeente Wageningen.

Doel

Artikel 2

1. De vereniging heeft ten doel:

a. het bevorderen van de bijenteelt;

b. het ontplooien en ondersteunen van activiteiten met het oog op het behoud en de uitbreiding van het

natuurlijk leefmilieu en meer bepaald van de flora ten behoeve van de pollen- en nectaretende insecten,

in het bijzonder de honingbij;

c. het behartigen van de belangen van haar leden;

d. al hetgeen met het bovenstaande rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn;

2. De vereniging tracht dit doel te bereiken door onder meer:

a. het verbreiden van kennis over bijen en bijenteelt;

b. het geven van voorlichting;

c. het (doen) geven van onderwijs over bijenteelt;

d. het organiseren van studiedagen en symposia;

e. het uitgeven van een blad over bijenteelt;

f. het bevorderen van wetenschappelijk en praktijkonderzoek;

g. het bevorderen van maatregelen voor de verbetering van de gezondheid van bijen en voor de bestrijding van

bijenziekten;

h. het sluiten van verzekerings- en andere overeenkomsten ten behoeve van de leden;

i. alle andere wettige middelen;

3. De vereniging kan zich met handelsactiviteiten bezighouden mits deze rechtstreeks of zijdelings verband

houden met de bijenteelt en binnen de doelstellingen van de vereniging vallen.

Geldmiddelen

Artikel 3

De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:

a. bijdragen van de leden (contributies);

b. inkomsten uit activiteiten van de vereniging en uit haar vermogen;

c. verkrijgingen ingevolge erfstellingen, legaten en schenkingen;

d. overige baten.

Verenigingsjaar

Artikel 4

Het verenigingsjaar, tevens boekjaar, valt samen met het kalenderjaar.

Structuur

Artikel 5

De vereniging kent afdelingen, groepen, een vergadering van groepsvoorzitters, een algemene ledenvergadering,

een hoofdbestuur en commissies en werkgroepen.

Lidmaatschap

Artikel 6

1. De vereniging kent gewone leden, buitengewone leden en ereleden.

2. Gewone leden kunnen zijn natuurlijke personen die lid zijn van een afdeling.

3. Buitengewone leden kunnen zijn natuurlijke personen die deelnemen aan activiteiten van de vereniging,

doch geen lid zijn van een afdeling.

4. Ereleden zijn natuurlijke personen die op voordracht van het hoofdbestuur door de algemene ledenvergadering als

zodanig zijn benoemd vanwege hun bijzondere verdiensten jegens de vereniging of voor de bevordering van de

doelstellingen van de vereniging.

5. Het hoofdbestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle gewone en buitengewone leden en

ereleden zijn opgenomen. Ingeval van adreswijziging is de betrokkene gehouden daarvan zo spoedig mogelijk

bericht te geven aan de vereniging.

Toelating

Artikel 7

1. Men kan als gewoon of buitengewoon lid worden toegelaten nadat men schriftelijk bij het hoofdbestuur is aangemeld.

Aanmelding geschiedt hetzij door de betrokkene, hetzij door het afdelingsbestuur namens de betrokkene.

2. Bij een verzoek tot toelating van een minderjarige is de schriftelijke toestemming vereist van diens wettelijke

vertegenwoordiger(s). Uit deze toestemming vloeit voort dat de minderjarige alle rechten en verplichtingen

die uit zijn lidmaatschap voortvloeien, zelfstandig kan uitoefenen en moet nakomen.

3. Het hoofdbestuur beslist over de toelating en deelt ingeval van niet-toelating zulks zo spoedig mogelijk mede

aan de betrokkene en aan de eerstvolgende algemene ledenvergadering, die alsnog tot toelating kan besluiten.

4. Het lidmaatschap vangt aan op de dag waarop de door de betrokkene verschuldigde contributie door de vereniging

is ontvangen.

5. Het lidmaatschap is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar of vatbaar om door erfopvolging te worden

verkregen.

Rechten van de leden

Artikel 8

1. Gewone leden en ereleden hebben alle rechten die bij de wet of bij deze statuten aan leden zijn toegekend.

2. Buitengewone leden hebben uitsluitend de rechten die bij deze statuten, bij besluit van de algemene

ledenvergadering of bij besluit van het hoofdbestuur aan hen zijn toegekend.

Zij hebben het recht alle door de vereniging georganiseerde evenementen bij te wonen.

Schorsing

Artikel 9

1. Het hoofdbestuur is bevoegd, zulks na overleg met het bestuur van de betreffende afdeling, een lid door een

schriftelijke kennisgeving te schorsen voor een periode van ten hoogste twee maanden ingeval een lid bij

herhaling in strijd handelt met zijn lidmaatschapsverplichtingen of door handelingen of

gedragingen het belang van de vereniging in ernstige mate heeft geschaad.

2. Gedurende de periode dat een lid geschorst is, kan het de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet uitoefenen.

Einde lidmaatschap

Artikel 10

1. Het lidmaatschap eindigt:

a. bij overlijden van het lid;

b. door opzegging door het lid tegen het einde van het verenigingsjaar door een schriftelijke kennisgeving

daarvan aan het hoofdbestuur vóór een december van het verenigingsjaar.

Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgevonden loopt het lidmaatschap door tot het einde van het

eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij het hoofdbestuur anders besluit of van het lid redelijkerwijs niet gevergd

kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn

lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijnen

opzichte uit te sluiten.

2. Het gewone lidmaatschap en het erelidmaatschap eindigt voorts door:

a. schriftelijke opzegging namens de vereniging met inachtneming van een opzegtermijn van één maand

wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten door de statuten voor het lidmaatschap gesteld, te voldoen,

alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

b. ontzetting wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of

de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.

3. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging of ontzetting uit het lidmaatschap

staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep op de algemene

ledenvergadering open.

Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.

Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. Het in artikel 9 lid 2 bepaalde is van

toepassing met dien verstande dat het geschorste lid toegang heeft tot de algemene ledenvergadering waarin het

besluit tot schorsing wordt behandeld, en is bevoegd daarover het woord te voeren.

4. Ingeval het lidmaatschap van een gewoon lid van een afdeling wordt beëindigd, wijzigt per de datum van

beëindiging het lidmaatschap van de vereniging in een buitengewoon lidmaatschap.

5. Het buitengewoon lidmaatschap van de vereniging kan te allen tijde zowel door de betrokkene als door het

hoofdbestuur door schriftelijke opzegging met onmiddellijke ingang worden beëindigd.

6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de contributie

voor het lopende verenigingsjaar voor het geheel verschuldigd, tenzij het hoofdbestuur anders besluit.

Verplichtingen van de leden

Artikel 11

1. De gewone en buitengewone leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse contributie.

Ereleden zijn vrijgesteld van de verplichting contributie te betalen.

Het hoofdbestuur is bevoegd om wegens bijzondere omstandigheden een lid geheel of ten dele ontheffing te

verlenen van het betalen van contributie in enig verenigingsjaar.

De contributie wordt jaarlijks door de algemene ledenvergadering vastgesteld. Daarbij kunnen de gewone en

buitengewone leden in de categorieën worden ingedeeld die een verschillende contributie betalen.

De contributie dient jaarlijks bij vooruitbetaling te worden voldaan. De kosten van invordering, zowel in als

buiten rechte, van het verschuldigde en van de vordering tot nakoming van enige lidmaatschapsverplichting,

daaronder begrepen de kosten van rechtskundige bijstand, zijn voor rekening van degene die in verzuim is.

Iedere gewoon en buitengewoon lid is verplicht:

a. de statuten en reglementen van de vereniging alsmede de besluiten van de vereniging na te leven;

b. de belangen van de vereniging niet te schaden;

c. alle overige verplichtingen te aanvaarden en na te komen die uit het lidmaatschap voortvloeien of welke de

vereniging in naam van haar leden aangaat.

2. Door de vereniging kunnen in naam van de leden geen verplichtingen worden aangegaan dan nadat het

hoofdbestuur door de algemene ledenvergadering daartoe bevoegd is verklaard.

Afdelingen

Artikel 12

1. De vereniging kent afdelingen; dit zijn door de vereniging erkende plaatselijke verenigingen van imkers.

2. De statuten en reglementen van een afdeling moeten luiden overeenkomstig een door de vereniging

vastgesteld model, dan wel zijn goedgekeurd door het hoofdbestuur.

In die statuten en reglementen dient te zijn bepaald dat wijziging daarvan de voorafgaande schriftelijke

goedkeuring behoeft van het hoofdbestuur.

Iedere afdeling bepaalt zelf of zij een vereniging met volledige dan wel beperkte rechtsbevoegdheid zal zijn.

3. Alle leden van een afdeling dienen gewoon lid van de vereniging te zijn. In de statuten van de afdelingen

dient te zijn bepaald dat het lidmaatschap van de afdeling eindigt door beëindiging van het lidmaatschap

van de vereniging.

4. Een plaatselijke vereniging van imkers die voldoet aan het hiervoor in de leden 2 en 3 bepaalde kan schriftelijk

verzoeken om als afdeling te worden erkend.

Het hoofdbestuur besluit over dit verzoek en deelt in geval van afwijzing zulks zo spoedig mogelijk mede aan de

verzoeker en aan de eerstvolgende algemene ledenvergadering.

Bij niet-erkenning door het hoofdbestuur kan de algemene ledenvergadering alsnog tot erkenning besluiten.

5. Besluiten en (rechts)handelingen van een afdeling mogen niet in strijd zijn met de statuten, reglementen en

besluiten van de vereniging.

6. Iedere afdeling doet terstond schriftelijke opgave aan de vereniging van iedere mutatie met betrekking

tot haar leden en bestuursleden.

Jaarlijks vóór vijf december zendt iedere afdeling een volledig bijgewerkte lijst met namen en adressen van haar

leden aan de vereniging.

7. Het hoofdbestuur is bevoegd een afdeling door een schriftelijke kennisgeving te schorsen voor een periode

van ten hoogste zes maanden ingeval de afdeling bij herhaling in strijd handelt met haar verplichtingen

jegens de vereniging of door handelingen of gedragingen het belang van de vereniging in ernstige mate heeft geschaad.

Gedurende de periode dat een afdeling geschorst is, kan zij haar rechten als afdeling niet uitoefenen.

8. De erkenning van een afdeling eindigt:

a. door ontbinding van de afdeling;

b. door opzegging door de afdeling tegen het einde van het verenigingsjaar door een schriftelijke

kennisgeving aan het hoofdbestuur vóór een december van het verenigingsjaar.

Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgehad, loopt de erkenning van de afdeling tot het einde van het

eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij het hoofdbestuur anders besluit of van de afdeling redelijkerwijs niet

gevergd kan worden de erkenning te laten voortduren.

9. De erkenning van een afdeling eindigt voorts door schriftelijke opzegging namens de vereniging door het

hoofdbestuur met inachtneming van een opzegtermijn van een maand wanneer de afdeling heeft opgehouden aan de

vereisten door de statuten voor erkenning gesteld, te voldoen, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging

niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

10 Van een besluit tot opzegging van de erkenning namens de vereniging staat de betrokken afdeling binnen een maand

na ontvangst van de kennisgeving van het besluit, beroep op de algemene ledenvergadering open. De betrokken

afdeling wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.

Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de desbetreffende afdeling geschorst en kan zij mitsdien

haar rechten niet uitoefenen, met dien verstande dat haar afgevaardigden toegang hebben tot de algemene

ledenvergadering en bevoegd zijn daarover het woord te voeren.

11 Wanneer de erkenning van een afdeling in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de

eventuele jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd, tenzij het hoofdbestuur anders besluit.

Groepen

Artikel 13

1. Alle afdelingen worden ingedeeld in groepen.

2. Besluiten tot instelling, wijziging van de samenstelling en opheffing van groepen worden door het hoofdbestuur

genomen na overleg met de betreffende groepen en afdelingen.

3. Groepen hebben een groepsbestuur dat bestaat uit afgevaardigden van de afdelingen die tot de groep

behoren. Ieder afdelingsbestuur benoemt, bij voorkeur uit zijn midden, doch in elk geval uit haar leden,

een afgevaardigde in het groepsbestuur en een plaatsvervanger.

Een groepsbestuur kiest uit zijn midden een voorzitter en een secretaris.

4. Groepen hebben de taken en bevoegdheden die daaraan door deze statuten, door de reglementen van de vereniging of

door besluiten van de algemene ledenvergadering uitdrukkelijk worden toegekend.

5. Groepen hebben in ieder geval tot taak:

a. het bevorderen en coördineren van de samenwerking van haar afdelingen;

b. het, op verzoek van haar afdelingen, organiseren van activiteiten, daaronder speciaal activiteiten die

gericht zijn op kwaliteitsverhoging van de bijenteelt door de leden en of verbetering van de omstandigheden

voor de bijenteelt in de regio;

c. het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van haar afdelingen in de regio;

d. het bevorderen van een goede communicatie tussen het hoofdbestuur en de commissies en werkgroepen van de

vereniging enerzijds en de afdelingen anderzijds;

e. het vervullen van representatieve taken namens de vereniging in de regio.

6. Groepsbestuursvergaderingen worden gehouden zo vaak als de voorzitter of twee afgevaardigden zulks wenselijk

oordelen. Alle bestuursleden van de tot de groep behorende afdelingen hebben toegang tot de

groepsbestuursvergaderingen en het recht daarin het woord te voeren.

7. Iedere groepsbestuursvergadering wordt ten minste drie weken tevoren aan het hoofdbestuur aangekondigd, zodat

het hoofdbestuur ten minste een van haar leden daarbij aanwezig kan doen zijn.

Hoofdbestuur

Artikel 14

1. Het hoofdbestuur bestaat uit een oneven aantal van ten minste zeven personen die de leeftijd van eenentwintig

jaar hebben bereikt.

2. De algemene ledenvergadering stelt het aantal leden van het hoofdbestuur vast.

3. De leden van het hoofdbestuur worden door de algemene ledenvergadering uit de leden benoemd voor een periode

van ten hoogste drie jaar.

4. De algemene ledenvergadering benoemt de voorzitter van het hoofdbestuur in functie.

Het hoofdbestuur kiest uit zijn midden een vicevoorzitter, een secretaris en een penningmeester.

Voor elk van hen kan het hoofdbestuur uit zijn midden een vervanger aanwijzen die ingeval van ontstentenis of belet

de functie vervult van degene voor wie hij als vervanger is aangewezen.

5. Elk jaar treden leden van het hoofdbestuur af volgens een door het hoofdbestuur op te maken rooster.

Aftredende bestuursleden zijn, al dan niet terstond, ten hoogste tweemaal herbenoembaar.

Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.

6. Het lidmaatschap van het hoofdbestuur eindigt:

a. door aftreden op grond van het rooster van aftreden;

b. door aftreden op zijn eigen verzoek;

c. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging;

d. door verlies door het bestuurslid van het vrije beheer of zijn eigen vermogen of door aanstelling van een

mentor als bedoeld in titel 20 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek;

e. door ontslag krachtens besluit van de algemene ledenvergadering;

f. door overlijden.

7. Elk lid van het hoofdbestuur kan te allen tijde als zodanig worden geschorst door een besluit van de overige

bestuursleden met algemene stemmen genomen. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt

door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

Hoofdbestuursvergaderingen en besluitvorming

Artikel 15

1. Het hoofdbestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter, of twee andere leden dat wenselijk oordelen.

Oproepingen ter vergadering geschieden schriftelijk met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen.

De oproeping gaat vergezeld van een agenda en, zo nodig, aanvullende toelichting en stukken.

2. Besluiten worden door het hoofdbestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen.

Blanco stemmen worden geacht niet geldig te zijn uitgebracht.

Ieder lid van het hoofdbestuur dat niet geschorst is, heeft recht op het uitbrengen van één stem.

Besluiten kunnen door het hoofdbestuur slechts genomen worden in een vergadering waarin ten minste zeventig

procent van de leden van het hoofdbestuur aanwezig is.

Een lid van het hoofdbestuur kan zich ter vergadering niet laten vertegenwoordigen.

3. Het hoofdbestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits schriftelijk en met algemene stemmen van alle

leden die niet zijn geschorst.

4. De secretaris of een andere door het hoofdbestuur aangewezen persoon maakt notulen van het behandelde.

Deze notulen worden in dezelfde of eerstvolgende vergadering vastgesteld en ten blijke daarvan ondertekend door de

voorzitter en de secretaris van die vergadering.

Een besluit als bedoeld in lid 3 wordt opgenomen in de notulen van de eerstvolgende vergadering.

Bestuurstaak en –bevoegdheid

Artikel 16

1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging met inachtneming van het in de wet en deze statuten

bepaalde.

2. Indien het aantal leden van het hoofdbestuur daalt beneden het in artikel 14 lid 1 bepaalde, blijft het

hoofdbestuur niettemin bevoegd. Het bestuur is verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering te

beleggen, waarin de voorziening van de vacature(s) aan de orde komt.

3. Het hoofdbestuur is, met voorafgaande goedkeuring van de vergadering van groepsvoorzitters, bevoegd te besluiten

tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het

aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor

een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

Op het ontbreken van deze goedkeuring kan slechts door de vereniging jegens derden een beroep worden gedaan.

4. Het hoofdbestuur kan commissies of werkgroepen in het leven roepen met gelijktijdige vaststelling van hun taak.

Deze commissies en werkgroepen werken onder verantwoordelijkheid van het hoofdbestuur, dat ook

bevoegd is ze op te heffen, de leden daarvan te benoemen en te ontslaan en hun taakomschrijving te herzien.

Vertegenwoordiging

Artikel 17

1. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door het hoofdbestuur.

De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende leden van het hoofdbestuur.

2. Het hoofdbestuur alsook twee gezamenlijk handelende leden daarvan kunnen schriftelijk volmacht verlenen

aan een of meer leden van het hoofdbestuur of aan derden om de vereniging binnen de grenzen van die volmacht

te vertegenwoordigen.

Rekening en verantwoording

Artikel 18

1. Het hoofdbestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging op zodanige wijze een administratie

te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en verdere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren,

dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.

2. Het hoofdbestuur brengt binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn

door de algemene ledenvergadering, op een algemene ledenvergadering schriftelijk zijn jaarverslag uit en

doet, onder overlegging van de nodige bescheiden, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen

boekjaar gevoerde bestuur.

De rekening en verantwoording omvat een balans en een staat van baten en lasten met toelichting. Zolang de

vereniging een onderneming in stand houdt welke ingevolge de wet in het handelsregister moet worden ingeschreven,

wordt bij de staat van baten en lasten de netto-omzet van die onderneming vermeld.

Deze stukken worden door de leden van het hoofdbestuur ondertekend; ontbreekt de ondertekening van een of meer

hunner, dan wordt daarvan onder opgaaf van redenen melding gemaakt.

3. Tenzij de algemene ledenvergadering op een andere wijze in het toezicht op het hoofdbestuur voorziet,

benoemt zij jaarlijks uit de gewone leden een commissie van ten minste twee personen die geen deel mogen

uitmaken van het hoofdbestuur.

Deze commissie onderzoekt de rekening en verantwoording en brengt aan de algemene ledenvergadering verslag van

haar bevindingen uit. Het hoofdbestuur is verplicht de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar

gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden van de vereniging te tonen en de

boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de vereniging voor raadpleging beschikbaar te stellen.

Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere (boekhoudkundige) kennis, dan kan de commissie

zich door (een) deskundige(n) voor rekening van de vereniging doen bijstaan.

De opdracht van de commissie kan te allen tijde door de algemene ledenvergadering worden herroepen,

doch slechts door verkiezing van een andere commissie.

4. Het hoofdbestuur is verplicht de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers als bedoeld in de vorige leden,

gedurende zeven jaar te bewaren.

Algemene ledenvergadering

Artikel 19

1. De algemene ledenvergadering heeft de bevoegdheden haar bij de wet toegekend voorzover die bevoegdheden

niet bij deze statuten aan andere organen van de vereniging zijn opgedragen.

2. Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar van de vereniging een algemene ledenvergadering,

samengesteld als in artikel 20 hierna bepaald, worden gehouden.

De agenda van deze vergadering bevat onder meer:

a. bespreking van de notulen van de vorige algemene ledenvergadering;

b. het jaarverslag;

c. behandeling en vaststelling van de rekening en verantwoording met het verslag van de commissie,

bedoeld in artikel 18;

d. kwijting aan de leden van het hoofdbestuur voor het door hen gevoerde bestuur;

e. benoeming van de in artikel 18 bedoelde commissie;

f. vaststelling van de contributie;

g. goedkeuring van de begroting;

h. voorziening in eventuele vacatures;

i. goedkeuring van beleids- en activiteitenplannen.

3. Voorts worden algemene ledenvergaderingen gehouden zo dikwijls als het hoofdbestuur dit wenselijk oordeelt

4. Het hoofdbestuur is verplicht op verzoek met opgave van de te behandelen onderwerpen van ten minste een zodanig

aantal afgevaardigden als bevoegd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte van de stemmen in de algemene

ledenvergadering, tot het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier

weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die

oproeping overgaan overeenkomstig het bepaalde in het volgende lid.

5. De algemene ledenvergadering wordt bijeengeroepen door het hoofdbestuur met inachtneming van een termijn

van ten minste dertig dagen, de dag van oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.

De bijeenroeping geschiedt ter keuze van het hoofdbestuur ofwel door een publicatie van de oproeping met de agenda

van de te behandelen onderwerpen in het vakblad dat (mede) door de vereniging wordt uitgegeven en dat wordt

gezonden aan de adressen van de leden volgens het register, bedoeld in artikel 6 lid 5, ofwel door middel

van een aan alle afgevaardigden en de afdelingen te zenden schriftelijke oproeping met de agenda, ofwel door

middel van een advertentie in ten minste één landelijk verschijnend, veel gelezen dagblad.

Geschiedt de bijeenroeping door middel van een advertentie, dan wordt de agenda voor de leden op een

daartoe geschikte plaats ter inzage gelegd. Hetzelfde geldt voor het jaarverslag en de rekening en

verantwoording van het hoofdbestuur en de begroting, indien deze niet in bedoeld vakblad zijn gepubliceerd of

met de oproeping zijn meegezonden.

Samenstelling algemene ledenvergadering, toegang, leiding en notulering.

Artikel 20

1. De algemene ledenvergadering van de vereniging bestaat uit evenzoveel afgevaardigden als er afdelingen zijn.

2. Tenzij het bestuur van een afdeling iemand anders als afgevaardigde heeft aangewezen,

treedt de voorzitter van het afdelingsbestuur als zodanig op.

3. Slechts gewone leden kunnen afgevaardigde zijn; leden van het hoofdbestuur kunnen niet als afgevaardigde fungeren.

4. Van de aanwijzing van een ander dan de voorzitter van een afdelingsbestuur als afgevaardigde, dient aan het

hoofdbestuur te blijken uit een schriftelijke verklaring van het afdelingsbestuur.

5. Ook alle leden van de vereniging hebben toegang tot de algemene ledenvergadering en het recht daarin het woord

te voeren.

6. Het hoofdbestuur kan bepaalde personen, instellingen en/of organisaties uitnodigen voor een algemene

ledenvergadering en deze het recht geven daarin het woord te voeren en een adviserende stem uit te brengen.

7. Algemene ledenvergaderingen worden geleid door de voorzitter van het hoofdbestuur. Ontbreekt de voorzitter,

dan treedt een ander door het hoofdbestuur aan te wijzen lid van het hoofdbestuur op als voorzitter.

Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering zelf in haar leiding.

8. Van het verhandelde in elke algemene ledenvergadering worden door een door de voorzitter

daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt.

De notulen worden ondertekend door de voorzitter van de vergadering en de notulist en gepubliceerd in gemeld

vakblad of op andere wijze ter kennis van de leden gebracht.

In de eerstvolgende algemene ledenvergadering worden de notulen vastgesteld.

Besluitvorming in de algemene ledenvergadering

Artikel 21

1. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten genomen met volstrekte

meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen. Onder volstrekte meerderheid wordt verstaan meer dan de helft

van de uitgebrachte geldige stemmen.

2. Blanco stemmen zijn ongeldig evenals stemmen of stembiljetten die zijn ondertekend, die onleesbaar zijn,

die een persoon niet duidelijk aanwijzen, die de naam bevatten van een persoon die niet kandidaat is gesteld,

die voor een verkiesbare plaats meer dan één naam bevatten en die meer bevatten dan een duidelijke

aanwijzing van de persoon die is bedoeld. Bij twijfel beslist de voorzitter.

3. Stemmen bij volmacht is uitgesloten.

4. Iedere afgevaardigde van een afdeling brengt één stem uit per elk vol of begonnen aantal van tien gewone leden

van zijn afdeling bij de aanvang van het verenigingsjaar blijkens de in artikel 12 lid 6 bedoelde opgave.

5. Ingeval een afgevaardigde ingevolge het in het vorige lid bepaalde een meervoudig stemrecht heeft,

kan hij toch slechts één stemverklaring afleggen.

6. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een

der stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt.

Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.

Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk tenzij een der stemgerechtigden hoofdelijke stemming verlangt.

7. Indien bij een stemming over de verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid van de uitgebrachte

geldige stemmen heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden over de personen die het hoogste aantal

stemmen hebben verkregen.

Heeft slechts één persoon het hoogste aantal stemmen verkregen, dan vindt de tweede stemming plaats over hem

en degene(n) die het op een na hoogste aantal stemmen heeft(hebben) verkregen.

Staken bij deze stemming de stemmen, dan beslist het lot.

8. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van een stemming is bindend.

Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk

vastgelegd voorstel.

Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan wordt betwist, vindt een

nieuwe stemming plaats wanneer dit door de meerderheid van de vergadering, of - indien de oorspronkelijke

stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde - door een afgevaardigde wordt verlangd.

Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

Vergadering van groepsvoorzitters

Artikel 22

1. De vereniging kent een vergadering van groepsvoorzitters die de in deze statuten of in de reglementen

van de vereniging toegekende bevoegdheden heeft, en die belast is met het vaststellen van de algemene

beleidslijnen en met de controle op het beleid van het hoofdbestuur.

2. Het hoofdbestuur informeert de vergadering van groepsvoorzitters over zijn beleid en over hetgeen het

hoofdbestuur in uitvoering, behandeling of onderzoek heeft.

Het hoofdbestuur en de vergadering van groepsvoorzitters verschaffen elkaar tijdig, gevraagd en

ongevraagd, de voor de uitoefening van hun taken noodzakelijke gegevens; in het bijzonder stelt de

vergadering van groepsvoorzitters het hoofdbestuur op de hoogte van hetgeen in de afdelingen leeft.

3. De voorzitter van iedere groep heeft uit hoofde van zijn functie zitting in de vergadering van groepsvoorzitters.

Bij zijn afwezigheid wordt hij vervangen door een door het betreffende groepsbestuur uit zijn midden aangewezen

plaatsvervanger. Van de aanwijzing van een ander dan de voorzitter van een groepsbestuur, dient aan het

hoofdbestuur te blijken uit een schriftelijke verklaring van het groepsbestuur.

4. De vergadering van groepsvoorzitters vergadert ter plaatse en ten tijde als door het hoofdbestuur te bepalen

ten minste twee keer per jaar, en verder zo dikwijls als dit door het hoofdbestuur nodig wordt geacht of wanneer

ten minste zes groepsvoorzitters het hoofdbestuur schriftelijk om een vergadering verzoeken met opgave van

de te behandelen onderwerpen.

5. Plaats en tijd van de vergadering alsmede de agenda van de te behandelen onderwerpen worden

met in achtneming van een termijn van ten minste drie weken schriftelijk aan de groepsvoorzitters

en de groepsbesturen opgegeven.

In spoedeisende gevallen ter beoordeling van het hoofdbestuur kan de termijn van oproeping worden beperkt

tot ten minste vijf dagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.

6. Besluiten tot behandeling van voorstellen die niet op de agenda voorkomen, kunnen slechts worden genomen met

algemene stemmen van alle aanwezige leden van de vergadering van groepsvoorzitters.

Zodanige voorstellen kunnen slechts worden aangenomen met ten minste drie/vierde van de uitgebrachte

geldige stemmen.

7. Tenzij de vergadering van groepsvoorzitters anders besluit, worden de vergaderingen bijgewoond

door de leden van het hoofdbestuur.

8. De leiding van de vergadering berust bij de voorzitter van het hoofdbestuur tenzij de vergadering van

groepsvoorzitters anders besluit.

9. Ieder lid van de vergadering van groepsvoorzitters brengt één stem uit per vol of begonnen aantal

van tien gewone leden die tot zijn groep behoren.

Het bepaalde in artikel 21 is op de besluitvorming door de vergadering van groepsvoorzitters

van overeenkomstige toepassing.

Reglement

Artikel 23

1. De algemene ledenvergadering kan bij reglement(en) nadere regels vaststellen omtrent alles

waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.

2. Een reglement kan alleen worden vastgesteld, aangevuld of gewijzigd bij besluit met een meerderheid

van ten minste twee/derde van de uitgebrachte geldige stemmen genomen.

3. Een reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat,

noch met deze statuten.

Statutenwijziging

Artikel 24

1. In de statuten kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene ledenvergadering

waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.

De termijn voor de oproeping bedraagt ten minste eenentwintig dagen, de dag van oproeping en de dag

van vergadering niet meegerekend.

2. Zij die oproeping tot de algemene ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging

hebben gedaan, moeten ten minste veertien dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel,

waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden

ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.

In ieder geval moet bedoeld voorstel ter inzage gelegd worden op het secretariaat van de vereniging.

Aan de afdelingen en aan de afgevaardigden moet het voorstel ten minste veertien dagen vóór de vergadering

ter kennis zijn gebracht.

3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte geldige stemmen.

4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.

Tot het doen verlijden van de akte is ieder lid van het hoofdbestuur bevoegd.

5. Het hoofdbestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neder te

leggen ten kantore van het handelsregister.

Ontbinding

Artikel 25

1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene ledenvergadering.

Het bepaalde in artikel 24 leden 1, 2 en 3 is op dit besluit van overeenkomstige toepassing.

2. De vereffening geschied met toepassing van het bepaalde in artikel 2:23

en volgende van het Burgerlijk Wetboek, behoudens het hierna bepaalde.

3. Indien bij het besluit tot ontbinding geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het

hoofdbestuur.

4. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene ledenvergadering te bepalen zodanige

doeleinden als het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

5. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.

Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten en de reglementen voor zover mogelijk van

kracht. In stukken en aankondiging die van de vereniging uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd:

"in liquidatie".

Kennisgevingen en mededelingen

Artikel 26

Overal waar in deze statuten sprake is van een schriftelijke kennisgeving of mededeling, wordt daaronder mede verstaan

een kennisgeving of mededeling door middel van elektronisch berichtenverkeer(e-mail) met ontvangstbevestiging.

Overgangsbepalingen

Artikel 27

1. De plaatselijke verenigingen die afdeling van de verdwijnende verenigingen bij de fusie waren, zijn vanaf

de inwerkingtreding van deze statuten erkende afdelingen van deze vereniging. Deze afdelingen zijn vermeld op de

aan deze akte gehechte bijlage (*).

2. De statuten van deze afdelingen worden geacht te zijn goedgekeurd door het bestuur, zoals bepaald in artikel 12

lid 2 eerste zin van deze statuten.

Vorige pagina

Start

    Bijenhoudersvereniging de Haghe    Prinsenbeek / Princenhage